
Een onverwacht mailtje en wat indrukken op een vakantie kunnen voldoende zijn om wat nieuwe puzzelstukjes in handen te krijgen over een deel van de teruggevonden lading en hun mogelijke eigenaars of verzenders.
Naar aanleiding van informatie op een Engelstalige Wikipediapagina die hij voor een artikeltje las, vroeg studievriend Erik Visscher me kortgeleden over een bepaalde passage: ‘gaat dit mogelijk over het bij Texel gezonken schip waar jij mee bezig was?’ Ik dacht: ‘best kans, goed om beter te bekijken’. Een korte blik in Wereldvondsten uit een Hollands scheepswrak, de basisrapportage over BZN17/Palmhoutwrak was voldoende om te weten dat de verdronken boeken een andere herkomst hadden dan vermeld. Wel bood het hoofdstuk waardevolle aanwijzingen waarop voortgebouwd kon worden. Een meer uitgewerkt artikel volgt, in dit blog wordt alvast een inkijkje gegeven.
Geleerde verzamelaars van boeken en manuscripten, oriëntalisten
In de zeventiende-eeuwse Republiek was er veel belangstelling voor boeken. Binnen de Leidse universiteit had men ook interesse in de vaak kostbaarder, want unieke, manuscripten. Die waren in de Osmaanse wereld nog gangbaar, omdat er niet of nauwelijks sprake was boekdrukkunst. Geleerden als de hoogleraar Arabisch, Jacobus Golius (1596-1667) gingen er graag op naar zoek. Hun netwerk in het Osmaanse rijk – bestaande uit de ambassadeur of resident, de consuls en kooplieden – werd daarbij ook ingezet.
Godsdienst en politiek: de rol van ambassadeurs in Istanbul
Een ambassadeur als Cornelis Haga (1578-1654) hield zich niet alleen bezig met de bemiddeling bij diplomatieke en handelsgerelateerde kwesties, of de vrijkoop van zeelieden die tot slaaf gemaakt waren, maar hij roerde zich ook op godsdienstig gebied. Daarbij probeerde hij zijn buurman te winnen voor het calvinisme/protestantisme. Haga had hem rond 1602 vermoedelijk reeds bij Pharos ontmoet, het kleine eiland buiten Alexandrië, waar ooit de beroemde vuurtoren stond die rond 1300 definitief verloren is gegaan. Die buurman Cyrillus Lucaris, was namelijk van 1601 tot 1620 patriarch in Alexandrië geweest en vervolgens oecumenisch patriarch in Istanbul, ofwel het hoofd, zij het niet in hiërarchische zin, van de Grieks-orthodoxe kerk in het Osmaanse Rijk.
Geboren op Kreta, dat indertijd onder Venetiaans gezag viel, had een oom van hem, zelf eveneens patriarch van Alexandrië, ervoor gezorgd dat de jongen kon studeren, om een kerkelijke carrière tegemoet te gaan. Daardoor kon Lucaris veel van de wereld zien en ontmoette hij andersdenkenden. Zo mocht hij onder meer studeren in Venetië, een stad waar de boekdrukkunst tot bloei gekomen was. Uitgegroeid tot een geleerd man, ijverde hij ervoor dat de Grieks-orthodoxen zich meer zouden ontwikkelden. In 1596 op missie gestuurd door zijn oom naar het Pools-Litouwse gemenebest om een verbond tussen Kiev en Rome tegen te gaan, gaf Lucaris er een tijd les aan de academie van Vilnius. Ook hield hij toen al van manuscripten verzamelen.
Cyrillus Lucaris (1572-1638), een omstreden patriarch in de Grieks Orthodoxe kerk
Cyrillus Lucaris was een omstreden patriarch, ook in orthodoxe kring. In navolging van zijn oom behoorde hij namelijk tot de groep die zich een uitgesproken tegenstander betoonde van toenadering tot Rome. Zijn contacten met Haga, maar ook met Engelse ambassadeurs als Thomas Roe, waren goed. Maar zijn positie werd vaak onmogelijk gemaakt door ambassadeurs uit rooms-katholieke kring, vaak gerelateerd aan de jezuïeten, of door diplomaten die een reden hadden om de invloed van Lucaris te willen beperken. Vijf keer werd hij uit zijn functie ontheven en vervolgens opnieuw aangesteld, totdat de sultan, die in diplomatieke kringen had vernomen dat Lucaris de Kozakken tegen hem in het harnas wilde jagen, in 1638 de opdracht gaf om hem te wurgen. Pas tien jaar later zouden zijn vrienden Lucaris openlijk kunnen begraven.
De briefwisseling die een onverwacht puzzelstukje opleverde
Rond 1659 moet een briefwisseling tussen twee Engelse oriëntalisten hebben plaatsgevonden waarin gesteld werd dat veel van de beste manuscripten uit de bibliotheek van Lucaris gered waren door de resident van de Noordelijke Nederlanden, die ze op een schip naar Holland had gestuurd. Hoewel het schip daar veilig aankwam, zonk het de dag erna in een hevige storm, samen met de lading.
De relevante vondsten uit het Palmhoutwrak in een perspectief geplaatst
De boekbanden uit het wrak zaten in twee kisten die als bagage moeten zijn verstuurd. Het gaat om minstens 36 banden, de manuscripten zijn verloren gegaan. Nieuw waren ze niet: de banden dateren uit de zestiende en de vroeg zeventiende eeuw, vermoedelijk niet veel later dan 1630. Dat past bij het feit dat Lucaris in 1638 werd geëxecuteerd, omdat de sultan, die opnieuw ten strijde trekken moest tegen de Perzen, zich geen tegenwerking van de Kozakken kon permitteren.

Er lijken banden te verwijzen naar Pools-Litouwse herkomst. Dat sluit aan bij het eerdergenoemde verblijf van Lucaris in Vilnius. Zijn doel om er politiek-religieuze banden aan te knopen met medestrijders tegen Rome haalde niet veel uit, omdat de voorstanders van samenwerking aan het langste eind trokken. Ook zijn er boekbanden die lijken te verwijzen naar bijbels en teksten met een godsdienstig karakter. Lucaris heeft contact gehad met de aartsbisschop Laud van Canterbury. De commerciële boekbanden, die een Engelse herkomst suggereren, zijn niet vreemd in internationale kringen die graag boeken en manuscripten verzamelen en uitwisselen. Op sommige banden is bovendien de tweekoppige adelaar te zien, een symbool van de Grieks-orthodoxe kerk.
Periodisering en stormen in die tijd

Buurman Haga verliet Istanbul in het voorjaar van 1639, te vroeg om voor het zelf versturen daar verantwoordelijk te zijn geweest. 1660, het jaar waarin veel schepen bij Texel zonken, is, gezien de brief uit 1659, wellicht te laat. De storm in november 1653 of de storm rond Driekoningen 1654 zijn wel kanshebbers. In Istanbul kunnen dan Nicolaas Ghisbrechti of Levinus Warner als resident, wellicht in opdracht van Haga, voor de zending van de boeken, samen met nog andere goederen verantwoordelijk zijn geweest. Zat daar ook de bruidsjurk van zijn vrouw Aletta bij?
Vaart vanuit Istanbul of Izmir?
Doorgaans voeren er niet veel schepen vanuit Istanbul naar de Republiek. De vaart vanuit Izmir was indertijd gebruikelijker. Dan zijn er meer kandidaten. Dat gaan we, naast alle andere dingen die nog verder uit te werken zijn, ook nog beter uitzoeken.
Marie-Christine Engels (met dank aan Renato Ghezzi, Monique van Veen en Erik Visscher)
Biografie
Marie-Christine Engels is historica, gespecialiseerd in handelscontacten met Italië tijdens de zeventiende eeuw, en recent gepensioneerd archivaris. Zij publiceerde eerder over deze materie in de congresbundel over Straatvaart, gewijd aan het 15de Glavimans symposion (Lelystad, 2023, uitgave van de Sidestonepress 2024 en zat in de redactieraad van de biografie over Cornelis Haga door Ingrid van der Vlis en Hans van der Sloot).